https://images4.persgroep.net/rcs/bxFaVowQk7g7elMzO718t23IJxo/diocontent/171134841/_fitwidth/763?appId=2dc96dd3f167e919913d808324cbfeb2&quality=0.8
Met de beste tips van 'Dokter Oksel' onder de arm ga je een frissere zomer tegemoet.© Getty Images/iStockphoto

Okselvijvers en onaangename geurtjes met dit warme weer? Zweetexpert ‘Dokter Oksel’ deelt zijn beste tips

by

Exclusief voor abonnees

Wie gezegend is – nou ja – met productieve zweetklieren, voelt de zomer al aankomen. Okselvijvers en zurige aroma's die onder je armen vandaan komen: het zijn geen pretjes. Maar voor veel mensen zijn ze wel een realiteit. En nee, dan is extra antitranspirant gebruiken niet de oplossing, zegt zweetexpert Chris Callewaert. Gelukkig heeft ‘Dokter Oksel’ andere tips die wel werken.

Microbioloog Chris Callewaert is een postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Gent. Hij specialiseert zich al jaren in okselgeuren en hardnekkig zweten, zelfs in die mate dat hij wereldwijd gekend staat als ‘Dr Armpit’. Momenteel werkt hij met een team aan probiotische deodorants en zelfs bodysuits die eindelijk écht komaf zouden maken met onaangename zweetaroma's.

Want veel en stinkend zweten is een probleem waar wel meer Belgen mee worstelen. Misschien ben je zelf diegene die al menig T-shirt de vuilnisbak in kieperde wegens onuitwasbare geurtjes onder de mouwen. Of misschien kan je je perfect het specifieke aroma van een zomerse namiddag in een overvolle treinwagon voor de geest halen.

Hoe groter, hoe zweteriger

Dat we ’s zomers met z’n allen meer zweten, heeft alles te maken met onze lichaamstemperatuur, vertelt Callewaert. Ons lichaam wil altijd een temperatuur van 37 graden aanhouden en zweetproductie helpt daarbij. “Je huid speelt een cruciale rol in de regulering van je lichaamstemperatuur. En huid die zweet produceert koelt af, want het zweet voert enerzijds de warmte af en maakt anderzijds het huidoppervlak frisser.” Dat sommige mensen meer zweten dan andere, heeft daar ook mee te maken. “Mensen die een grotere lichaamsoppervlakte hebben, omdat ze langer of zwaarlijviger zijn, hebben meer huid en meer lichaam om af te koelen. Dus zij zullen meer zweten.”

Dat er dan soms ook geurtjes bij komen kijken, heeft weer met andere factoren te maken. “Een mens heeft verschillende zweetklieren”, vertelt Callewaert. “De eccriene klieren zijn het meest actief bij warmte – en ook wanneer je sport – en die geven vooral water en zout af. Als je echt zweet door meer hitte, zal je dus normaliter niet stinken. Maar er zijn ook de apocriene zweetklieren, die vooral onder de oksels voorkomen en voor de onaangename geur zorgen. Die zijn vrij constant actief, maar zijn nog actiever in situaties waarin je lichaam adrenaline of stress voelt.”

Dank je, mama en papa

En het is zo dat sommige mensen meer apocriene zweetklieren hebben dan andere. Dat hangt gewoon af van je metabolisme en daar kan je niks aan doen. Of jij zo iemand bent, kan je nagaan aan de hand van je oorsmeer – al moeten we toegeven: dat heeft je neus je waarschijnlijk ook al verteld. Als je oorsmeer droog en vlokkerig is, zit je goed. Als je oorsmeer geel en vloeibaar is, zoals bij de meesten onder ons, bepaalt je okselmicrobioom of er nare geurtjes zijn. Als je oorsmeer eerder bruinig is, is de kans groter dat je worstelt met nare zweetgeurtjes. En als je meer oorsmeer produceert, produceren je oksels doorgaans ook meer geur. Dat kan trouwens een genetisch aangeboren eigenschap zijn. Dank je, mama en/of papa.

Gelukkig kan je wel degelijk een aantal dingen proberen om je zweetproductie en bijbehorende geurtjes onder controle te houden. Kleding, voeding en zelfs ontharen speelt een rol, en met deodorant en antitranspirant moet je slimmer omgaan dan je denkt, onthult Callewaert. We zetten zijn tips op een rijtje.

(Lees verder onder de foto.)

https://images0.persgroep.net/rcs/_8tTEiIqvAfsD58yS4xAkNtaalA/diocontent/171134658/_fitwidth/763?appId=2dc96dd3f167e919913d808324cbfeb2&quality=0.8
Chris Callewaert of 'Dokter Oksel' doet al jaren onderzoek naar zweetproductie.© Nimmegeers

1. Weet wat je eet (en drinkt)

Warm eten zorgt ervoor dat je lichaam meer opwarmt. Als je minder wil zweten, kan je het ’s zomers dus beter zo veel mogelijk bij frisse slaatjes houden. Ook de hele dag zo koud mogelijk water drinken, is een goed idee. En vermijd koolhydraten. Maaltijden met veel brood, pasta, rijst of aardappelen zorgen voor meer verbranding en dus meer warmteopwekking. Ook op je zweetgeur heeft voeding trouwens een effect: vlees of fastfood kan je zweet zuriger doen ruiken, groenten kunnen voor een frissere, florale geur zorgen.

2. Het ene T-shirt is het andere niet

Draag kleding gemaakt van natuurlijke materialen. Onderzoek van Callewaert en zijn collega's toont namelijk aan dat synthetische stoffen als polyester voor meer geurtjes zorgen, omdat bacteriën zich op die stof kunnen vastzetten en in die vochtige omgeving gaan groeien. Katoen is een veel betere optie. Of een top dat je oksels vrij laat. Besef ook dat de warmte van je héle lijf invloed heeft op de zweetproductie onder je oksels. Als je op een warme dag een broek draagt (warme benen!) of sokken en bottines (warme voeten!) dan warmt je hele lichaam op en zal je over je hele lijf meer zweten.

3. Ontharen helpt

Het geeft amper significante resultaten in onderzoek, maar Callewaert zegt dat ontharen in lage mate toch invloed op je geurproductie kan hebben. Wanneer je je oksels onthaart, verwijder je de bovenste huidlaag en daar zitten heel wat lipiden die anders voor geurtjes zouden zorgen.

4. Probeer niét te vaak met zeep te wassen

Als je te veel deodorant, antitranspirant of zeep gebruikt onder je oksels, stuur je het microbioom daar in de war, zegt Callewaert. En je huid gaat meer lipiden produceren, om gehydrateerd te blijven. “Dat zorgt op zijn beurt voor meer slechte geuren. Nu mensen door corona meer thuis zitten en minder douchen of deo spuiten, hoor ik her en der dat ze minder last hebben van zweetaroma's.” Het zou dus weleens kunnen dat je natuurlijke geur helemaal niet zo erg is, dixit Callewaert, maar dat de chemische producten die je onder je oksels gebruikt op lange termijn de boosdoeners zijn. “Geen beter moment dan nu om dat effectief te testen en je oksels eens een tijd met rust te laten.”

5. Ken je deo of antitranspirant... En kick ervan af

Gebruik je toch iets onder je oksels, gebruik dan niet zomaar iets. Weet dat een deodorant vooral als bedoeling heeft om met parfum geuren te maskeren en dat een antitranspirant met aluminiumzouten je poriën verstopt om je zweetproductie te verminderen. Maar Callewaert benadrukt dus dat je beide best met mate gebruikt. “Meer geur of zweet bestrijden met meer deo of antitranspirant is geen goed idee. Hoe meer je je microbioom in de war brengt met zulke ingrepen, hoe meer nare geurtjes je juist veroorzaakt.” Als je dapper genoeg bent om af te kicken, verwacht dan dat je in de eerste week best zal stinken. Na een week of twee zou je zweet al frisser moeten ruiken, zegt Callewaert. Al verschilt het precieze effect van een deoloos leven wel van persoon tot persoon.

6. Kies het juiste geurtje

Als je dan toch – nu en dan! – deodorant gebruikt, neem dan niet zomaar een geur uit het rek die je lekker vindt. De ene zweetgeur is immers de andere niet: sommige mensen produceren een eerder zwavelachtig aroma, anderen een eerder floraal, nog anderen ruiken meer ‘musky’. Hou daarmee rekening wanneer je een deo koopt en kies een geur die zo dicht mogelijk bij je eigen zweetgeur aanleunt, niet voor een geur die vloekt. Als je zelf een ‘musky’ geur produceert, gebruik dan een ‘musky’ deodorant, enzoverder. Zo zal je deodorant mooi blenden met je eigen okselgeur en het beste resultaat geven.

Lees ook:

Meer of minder huidirritatie: 8 deo’s zonder aluminiumchloride getest door onze redactie (+)

In deze stoffen zweet je het minst en zo camoufleer je plekken en kringen

Weet wat je zweet: deze 7 dingen wist je nog niet over zweten