https://images1.persgroep.net/rcs/bL0FWO-s106S6NZKP57BKjeHz5s/diocontent/169852495/_fitwidth/1240?appId=93a17a8fd81db0de025c8abd1cca1279&quality=0.9
Coronabestrijding in Berlijn: een medewerker voert een gesprekje en voordat hij een testkit overhandigt in een drive-in testcentrum.Beeld AP

In Duitsland loopt het contactspeuren wél efficiënt, maar wat ontbreekt zijn artsen

by

In vergelijking met de Belgische perikelen rond het contactonderzoek, hebben ze het in Duitsland goed voor mekaar, lijkt het. De Gesundheitsämter – lokale gezondheidsdiensten – gaan als echte virusdetectives corona te lijf, en met succes. Vrijwilligers helpen met de belrondes – op het hoogtepunt wel 2.000 telefoontjes per dag, alleen in Berlin Mitte. Het enige waar gebrek aan is zijn artsen. Die verdienen meer in een ziekenhuis.

✦Exclusief voor abonnees door Sterre Lindhout27 mei 2020, 9:00

“Binnen een paar dagen was de hele organisatie omgegooid en hadden we een team van meer dan honderd mensen bij elkaar.” Dit tempo, zegt Ephraïm Gothe, had hij in twee decennia Berlijnse gemeentepolitiek nog niet eerder meegemaakt. “De afdeling infectieziekten ging van 20 naar 160 medewerkers, in een week.”

In de stem van Gothe, als stadsdeelbestuurder verantwoordelijk voor het Gesundheitsamt, klinkt drie maanden later nog verbazing door – de Berlijnse ambtenarij staat niet bepaald bekend als flexibel, laat staan snel. Maar corona haalde ongekende krachten naar boven.

Sinds begin maart, toen het aantal besmettingen in Duitsland begon op te lopen, moeten 375 Gesundheitsämter een ongekend improvisatievermogen aan de dag leggen om te doen wat het Gezondheidsministerie hen verlangt: bellen, bellen en nog eens bellen.

De telefoon speelt vanaf het begin een hoofdrol in de Duitse bestrijdingsstrategie. Wie positief test, wordt als het goed is nog op dezelfde dag gebeld door een zogenaamde contactonderzoeker. Die vraagt wat de zieke de afgelopen weken heeft ondernomen, om te ontdekken bij wie hij Covid-19 zou kunnen hebben opgelopen en vervolgens wie hij potentieel besmet heeft in de tijd dat hij het virus ongemerkt bij zich droeg. Ook al deze mensen worden gebeld met de mededeling dat ze in contact zijn geweest met een coronapatiënt. Contactpersonen in de eerste categorie, familieleden of mensen met wie de zieke langer dan een kwartier in een ruimte was, moeten onmiddellijk worden getest.

Virusdetectives

Bij het Belgische speurwerk blijkt een en ander niet bepaald van een leien dakje te lopen. Het Duitse voorbeeld toont aan hoeveel er mogelijk is, maar laat ook zien dat het bijzonder ingewikkeld is om het contactonderzoek perfect uit te voeren, vooral omdat daar ontzettend veel mankracht voor nodig is.

Het coronacrisiscentrum van Berlijn Mitte is gevestigd in een afgedankte raadszaal. Onder de buste van de man naar wie de zaal vernoemd is – industrieel Walter Rathenau, die in 1922 door extreemrechtse types werd vermoord – staat een norse beveiliger met een fles desinfecterend middel. Binnen moeten medewerkers hun naam en het tijdstip noteren in het ‘klassenboek’, zodat precies kan worden nagegaan wie wanneer aanwezig was. Bij het boek staan twee hardgekookte eieren met mondkapje en een vlaggetje met de tekst bleib Gesund – de enige frivoliteit in de ruimte.

De werknemers dragen spatkleppen, zitten aan werkeilanden die van elkaar gescheiden zijn door tentoonstellingswandjes , waarop behalve de uitgeprinte instructies van het RKI, de Duitse FOD Volksgezondheid, allerlei handgeschreven notities zijn geprikt.

Coronadagboek

Een groot scherm achterin de raadszaal toont een gedeelte van een alfabetische namenlijst van de Berlijnse zieken, met achter elke naam veertien vakjes, voor elke quarantainedag één. Want alle patiënten die thuiszitten, met of zonder symptomen, krijgen twee weken lang dagelijks een telefoontje van het Gesundheitsamt waarin gevraagd wordt naar lichaamstemperatuur en het verdere ziekteverloop, dat ze verplicht moeten vastleggen in een coronadagboek.

Op het voorlopige hoogtepunt van de epidemie in Berlijn, belden de onderzoekers in Mitte zo’n 1.500 tot 2.000 mensen per dag, schat arts Lukas Murajda. Nu het aantal besmettingen daalt, wordt dat minder. Al zijn er de afgelopen weken een aantal gevallen geweest in verpleeghuizen en asielzoekerscentra, waar een besmet persoon soms met meer dan honderd mensen contact heeft gehad. “Daar krijg je een soort sneeuwbaleffect.” In dat soort gevallen kiest Murajda ervoor om met een team langs te gaan in plaats van iedereen na te bellen.

Het is dankzij het grote aantal interne vrijwilligers, van rechters tot medewerkers van de groendienst, dat het stadsdeel Mitte het telefonische offensief naar behoren kan uitvoeren. En dan zijn er nog de 550 zogenoemde containment scouts, voornamelijk studenten geneeskunde, die in maart van het RKI een spoedcursus contactonderzoek kregen en daarna werden verdeeld over de Gesundheitsämter, Berlijn Mitte kreeg er vier. “Ze zijn handig”, zegt Murajda, omdat we ze niet hoeven in te werken.

Angst en agressie

Een van de vier, een 19-jarige studente Public Health op sneakers die niet met haar naam in de krant wil, vertelt dat de meeste mensen ‘positief en meewerkend reageren’ als ze belt, “ook al moeten we soms intieme vragen stellen zoals met wie ze op een verjaardag zijn geweest, of op een date.” In een enkel geval krijgen de contactonderzoekers ook te maken met ‘angst en agressie’. In dat geval kunnen ze ervoor kiezen om het gesprek te beëindigen en een psychologisch geschoolde medewerker terug te laten bellen, zegt Murajda.

Vergeleken met België, lijkt het in Duitsland bijzonder goed geregeld. Maar in een enquête publieke omroepen WDR en MDR waaraan 178 van de 375 Gesundheitsämter deelnamen, zegt 67 procent vanwege gebrek aan personeel niet aan de landelijke richtlijnen te voldoen, vanwege personeelstekorten.

Een van die regio’s is Landkreis Oder-Spree, ten zuidwesten van Berlijn. Het contactonderzoek is het probleem niet, zegt arts Ricardo Saldaña-Handreck aan de telefoon, daarvoor waren ook in het landelijke gebied met 180.000 inwoners genoeg vrijwilligers te vinden. “En we kregen hulp van soldaten van de Bundeswehr.” Maar het ontbreekt hem aan mensen zoals hijzelf, artsen die voor het Gesundheitsamt willen werken, en dan ook nog op het platteland.

https://images3.persgroep.net/rcs/H7sO5K1zRlkL4-_Ajs9FQVi-3Bk/diocontent/171064771/_fitwidth/1240?appId=93a17a8fd81db0de025c8abd1cca1279&quality=0.9
Gezondheidswerkers doen een swab-test bij een test-drive-in.Beeld DPA

Imagoprobleem 

Lang voordat corona de kop opstak, hadden de lokale gezondheidsdiensten in Duitsland een imagoprobleem, met name in landelijke gebieden: de werktijden zijn lang en het takenpakket groot, maar maandsalarissen liggen zo’n 1.500 euro lager dan in het ziekenhuis. In de regio Oder-Spree staan vacatures voor medisch personeel in de regel minstens een jaar open, en soms wel drie.

Saldaña-Handreck heeft z’n netwerk aangesproken en een gepensioneerde collega gevraagd in te springen, maar er is ondertussen ook een collega uitgevallen met een burn-out. “We zouden hier zes artsen moeten hebben, we hebben er tweeënhalf.” De oplossing is dat ze het coronavirus onder controle houden – “we hebben maar 130 zieken” – maar andere taken laten versloffen, de schoolartsbezoeken, en de hygiënecontroles in verpleeghuizen en andere instellingen.

Onlangs maakte Gezondheidsminister Jens Spahn bekend dat alle Gesundheitsämter 100.000 euro krijgen voor het introduceren van nieuwe technologie die het bedwingen van het virus eenvoudiger moet maken. Saldaña-Handreck vraagt zich af wat hij daaraan heeft zonder artsen. “Dan kun je nog zoveel bellen en testen, maar we moeten mensen ook kunnen behandelen.”